Cohousingproject uit startblokken in Vorst

24 apr

Aan de Van Volxemlaan in Vorst is de eerste steen gelegd van Brutopia, een co-housingproject van 29 gezinnen. Ze zullen samen wassen, tuinieren én besparen op de energiefactuur.

De funderingen van Brutopia zijn gegoten. Als alles goed gaat, hebben de 29 gezinnen, die samen bijna twintig kinderen tellen, in mei 2013 hun nieuwe woonplek. Het wordt een geheel van twee grote gebouwen met een gemeenschappelijke tuin van 750 vierkante meter, een gemeenschappelijk wassalon en een fietsparking met 75 plaatsen. Bovendien wordt aan de energiefactuur gedacht: het regenwater wordt opnieuw gebruikt en de isolatie is bijna vijf keer zo efficiënt als in een klassieke woning.

Een ‘voorbeeldgebouw’, vindt het Brussels Gewest, dat het project in 2009 een subsidie van 500.000 euro toebedeelde.

Het idee om samen aan een woonplek te bouwen, ontstond eind 2008, herinnert mede-initiatiefnemer Mark Van den Dries zich. ‘Tijdens het jaarlijkse familiefeest zuchtte een van mijn nichten dat ze nooit in Brussel zou kunnen wonen, omdat de huizen er zo duur zijn. Ik woonde al in een co-housingproject in Laken en heb voorgesteld haar te begeleiden. Enkele maanden later was er een eerste vergadering.’

De initiatiefnemers richtten samen een vzw op en zochten samen architecten en een notaris. Ze zochten ook heel Brussel af naar mogelijke bouwgronden. Uit de 28terreinen die ze vonden, kozen ze uiteindelijk dat aan de Van Volxemlaan uit, rechtover het Wielsmuseum.

In de daaropvolgende jaren werd hun geduld wel op de proef gesteld. ‘Co-housing is weinig gekend en daardoor is de wetgeving nog niet aangepast. We hebben obstakels gehad bij de bouwaanvraag, de subsidieaanvragen en de btw. Het heeft veel creativiteit gevergd om een uitweg te vinden’, zegt Van den Dries.

Bovendien is het niet altijd gemakkelijk om keuzes te maken, getuigt toekomstig bewoner Jan Thiers. ‘Iedereen had zo zijn wensen voor zijn appartement. Om die met elkaar te verzoenen, hebben we verschillende enquêtes georganiseerd. Zo is bijvoorbeeld beslist dat het wassalon gemeenschappelijk wordt. We denken er ook aan aan autodelen te doen.’

In totaal zet(te) elke deelnemer zich 400 uur in voor het project. Dat gaat van juridisch overleggen over subsidies aanvragen tot het verven van de muren. ‘We hebben ongeveer anderhalf jaar vertraging opgelopen’, zegt Thiers. ‘Maar niemand van ons vindt dat erg. We kennen elkaar nu al goed. Het groepsgevoel is groot.’

Bron: De Standaard