Stop sociale woningbouw en voer sociaal beleid

12 jun

Volgens Vlaams parlementslid Mercedes Van Volcem (Open Vld) tonen de cijfers van de huurdersbonden aan dat “het huurmarktbeleid en het sociale woningenbeleid van de Vlaamse Regering faalde. Minister Van den Bossche (Sp.a) heeft de afgelopen legislatuur verhuurders geviseerd in plaats van gestimuleerd, met deze cijfers tot gevolg.” Van Volcem wil de huurmarkt stimuleren door het stelsel van huursubsidies uit te breiden, het aantal maanden huurwaarborg te verhogen en een betere samenwerking te realiseren met sociale verhuurkantoren. Tegelijk wil ze tijdelijke huurcontracten in de sociale huisvesting. “Zodat we diegene die het echt nodig hebben effectief kunnen helpen. Blijven bijbouwen is niet de oplossing.”

De Huurdersbonden luiden de alarmbel in hun jaarverslag. Bijna een derde van alle private huurders houdt te weinig inkomen over om nog menswaardig te kunnen leven. Zij zien dat het aantal woningen op de private markt verder blijft afnemen. De prijzen blijven daardoor de hoogte in gaan en daar worden steeds meer Vlamingen de dupe van.

Volgens Van Volcem dreigt een vicieuze cirkel: ‘Als de vrees voor wanbetaling toeneemt, zal het aantal huurwoningen dalen, waardoor de woonkrapte toeneemt. Het zijn de minst kapitaalkrachtige huurders die hiervan het slachtoffer worden. In plaats van te stimuleren, viseerde de minister de verhuurders met allerlei extra regels en ook het verminderen van de huurwaarborg.’ Volgens  haar moet de private huurmarkt opgewaardeerd worden om te zorgen voor een voldoende aanbod van betaalbare woningen. Van Volcem pleit voor een uitbreiding van het stelsel van de huursubsidies en het marktconformer maken van de huurprijzen die verhuurders krijgen via Sociale Verhuurkantoren. Ook de huurwaarborg terug verhogen naar 3 maanden kan volgens Van Volcem het verhuren aantrekkelijker maken.

Tijdelijke huurcontracten in sociale woningmarkt

Een ander structureel probleem is het falend sociaal woonbeleid. “Er is 3 miljard euro nodig voor de renovatie van de bestaande woningen, de huurcontracten zijn levenslang en de huur is volgens inkomen, wat niet stimuleert om een job te zoeken. Nieuwbouw duurt veel te lang en de ruimte geraakt op.”  Van Volcem schreef de voorbije legislatuur het veelbesproken groenboek ‘sociale huisvesting’. “Terwijl al meer dan 130.000 mensen op de wachtlijst staan voor een sociale woning, heeft de minister de inkomensgrenzen met 10% verhoogd, waardoor de kansen voor de meest noodlijdende gezinnen andermaal verkleinen. De huursubsidie kan enig soelaas brengen, maar geldt pas als iemand minstens 5 jaar op de wachtlijst staat.”

 

Van Volcem wil voor nieuwe sociale huurders tijdelijke huurcontracten invoeren. “We moeten na een tijdje evalueren of mensen die nu een sociale woning huren nog behoeftig zijn. 10 procent van de huurders verdient ver boven de inkomensgrens. Zo kunnen we de wachtlijsten inkorten en meer mensen helpen die het op dit moment echt nodig hebben. Dat is echt sociaal beleid. Op die wijze ontlasten we de private huurmarkt beter van huurders die het moeilijk hebben om hun huur te betalen en wordt verhuren ook aantrekkelijker en krijg je meer kwaliteit tegen een betaalbare prijs.” aldus Van Volcem.

Van Volcem woonde zelf tot haar 22 jaar in een sociale woning en vergunde als schepen in Brugge 600 sociale woningen. “Ik ondervond dat het huidig beleid niets oploste, wel integendeel. De problemen werden enkel groter.”