Vier interpellaties van Brugse liberalen op gemeenteraad dinsdag 31 maart

26 mrt

Open Vld Brugge agendeert de komende gemeenteraad vier tussenkomsten.  Onder andere een betere afstemming bij wegenwerken, vragen omtrent de miscommunicatie van wegenwerken in de Geldmuntstraat,  meer terrasmogelijkheden en de resultaten van de stadsmonitor staan op de agenda.

Mercedes Van Volcem wil weten of het Brugse bestuur de resultaten van de stadsmonitor zal hanteren in hun beleid.  De studie vergelijkt de 13 Vlaams centrumsteden aan de hand van meer dan  honderdzeventig omgevingsindicatoren. “Voor beleidsmakers het ideale instrument om zicht te krijgen op maatschappelijke ontwikkelingen.”

Aanpassing regelgeving terrassen

Jasper Pillen pleit voor een aanpassing van de terrassenregelgeving naar voorbeeld van Gent.  “Brugge moet als toeristische stad meer terrasvreugde nastreven. Gent heeft recentelijk haar terrassenregelgeving aangepast. De wens om tot meer uniformiteit te komen op de verschillende pleinen in de stad was hierbij één van de voornaamste drijfveren. Echter koos de stad er ook voor om in het nieuwe reglement zogenaamd maatwerk op het vlak van terrassen toe te laten. Brugge zou hieraan een voorbeeld kunnen nemen. Door het toelaten van verschillende terrasinrichting, daarbij uiteraard het karakter van dat plein of die straat centraal stellend, kan de stad op horecavlak nog aantrekkelijker worden gemaakt. Overweegt de stad deze aanpassing?

Wegenwerken Geldmuntstraat

De wegenwerken in de Geldmuntstraat zorgen voor veel beroering. Eerst was er onenigheid in de buurt rond de lange duur van de werken en de gebrekkige communicatie vanuit de stad. Later leek er wat aan de hand met de gebruikte stenen. Deze zouden niet beantwoorden aan de simulatiebeelden. Daarover is de stad nog steeds in overleg met Aswebo. Misschien is er zelf sprake van een mogelijke heraanleg van het eerste deel.

Nu oordeelde de auditeur van de Raad van State dat er fouten gemaakt zijn bij de openbare gunningsopdracht voor de werken. Een aannemer vond dat de toekenning van het werk aan Aswebo niet correct was verlopen, en diende klacht in bij de Raad van State. De auditeur blijkt zich te kunnen vinden in de opmerkingen van het bedrijf. De Raad van State moet binnen de twee weken een oordeel vellen. Als ze het advies van de auditeur volgt, dan worden de werken geschorst. Mogelijk moet dan opnieuw onderhandeld worden over welk bedrijf de werken mag uitvoeren. In de meeste gevallen volgt de Raad van State het advies van haar auditeur.

Vandaar dat Mercedes Van Volcem hierover tussenkomt. “ In welke zin is de toekenning van het werk niet correct verlopen, volgens de auditeur van de Raad van State?  Wie draagt de verantwoordelijkheid voor de niet correct verlopen procedure?  In geval van schorsing: hoeveel tijd wordt er dan verloren, vooraleer de werken verder kunnen worden aangevat? Heeft de stad hierover reeds duidelijk gecommuniceerd met de handelaars en de inwoners van de Geldmuntstraat? Wie zal opdraaien voor de geleden schade van de handelaars wegens deze nieuwe vertraging?”

Betere communicatie bij wegenwerken

“Voor de tweede keer in enkele maanden tijd worden de handelaars van de Dorpsstraat in Sint-Michiels geconfronteerd met wegenwerken. Enkele maanden geleden tijdens de Sinterklaasperiode, en nu opnieuw met Pasen.  Geheel terecht kaarten ze de gebrekkige communicatie en gebrek aan lange termijn planning aan in de media. Ze vragen een duidelijke en juiste communicatie en willen dat de fasering van de werken doorgegeven wordt. Ook stellen ze vragen bij de uitvoering van de werken. Gezien zij financieel getroffen worden door deze werken.  Men stelt ook dat de werf zeer slecht is afgesloten, wat een gevaar kan zijn voor de kinderen en jongeren die er passeren. Schepen Jean-Pierre Vanden Berghe houdt in de media zelf een pleidooi om handelaars beter in te lichten bij werken naar aanleiding van werken in de Jan Breydellaan.  Dat is toch de wereld op zijn kop?” aldus Van Volcem

 

Stadsmonitor

Van Volcem schets op de gemeenteraad de resultaten van de Stadsmonitor voor Brugge.

“De Bruggeling voelt zich opmerkelijk veilig in zijn stad. Slechts 4,3 procent van de Bruggelingen voelt zich onveilig in zijn stad. Dat is het laagste van alle centrumsteden, waar het gemiddelde op 13,5 procent ligt. Dat moeten we absoluut koesteren zonder op onze lauweren te rusten. “

De gemiddelde woning van een Bruggeling is 245 000 euro waard.  Op Leuven (300 000€!) na is dat het tweede hoogste.  Toch kan onze Brugse woningen niet vergelijken met die van pakweg Gent of Antwerpen. In Brugge is er bijvoorbeeld minder hoogbouw en meer woningen met tuin. Ook kennen de Brugse woningen(13,8%)  een pak minder  structurele problemen dan pakweg steden als Gent (15,8%) & Antwerpen(18,7%).
De Bruggeling krijgt er ook veel voor terug, vooral een zeer kwalitatieve leefomgeving.  Doordat we gemiddeld genomen beter verdienen, zijn er minder betaalbaarheidsproblemen dan in andere grootsteden. In vergelijking met steden als Antwerpen, Gent en Leuven betaalt de Bruggeling een stuk minder af voor zijn woning. Slechts 21,6% Bruggelingen besteedt meer dan 1/3 van z’n loon aan de woning.  Ook als we kijken naar het aantal mensen met betalingsmoeilijkheden voor de woonkosten  ligt het aantal in Brugge gelukkig redelijk laag: 5,2%. Voor de centrumsteden ligt dat gemiddelde op 7 procent.

Het aandeel (%) van de inwoners dat vertrouwen heeft in het stadsbestuur is wel duidelijk gezakt. In 2011 had 40,5 procent van de mensen vertrouwen in het stadsbestuur terwijl dat nu slechts 36,0 procent meer is.

De actieve betrokkenheid van de Bruggeling bij het bestuur is opvallend laag: 10,9 procent. Het tweede laagste van alle centrumsteden.  Het gemiddelde in de centrumsteden bedraagt 14,3 procent.  Ook de parameter over in welke mate het stadsbestuur de Bruggeling consulteert toont dat aan: een duidelijke daling van 39,6% in 2011 naar 35,4% in 2014. Dit stadsbestuur kan duidelijk nog veel leren van andere centrumsteden. Er zal meer nodig zijn dan enkel initiatieven als ‘de Toekomst van Brugge’.

In tegenstelling tot wat je zou vermoeden is er in Brugge opmerkelijk veel woon-werk verkeer te voet, per fiets of met openbaar vervoer (50%).  Slechts de helft van de mensen gaat met de auto naar het werk.  Met uitzondering van Leuven, Turnhout, Antwerpen en Gent scoort geen enkele stad beter. Tegelijk staat Brugge voor grote uitdagingen. Zo zal u als stadsbestuur er in moeten slagen om de wensen van fietsers en voetgangers te rijmen met die van automobilisten.  Zo moeten we de overlast in de binnenstad aanpakken, met inventieve methodes zodat we de levenskwaliteit van velen kunnen verhogen.

In 2025 zal Brugge 37 procent alleenstaanden tellen. De stad moet veel meer aandacht besteden aan die groter wordende groep singles.  Ook een blijvende inzet voor jonge gezinnen is noodzakelijk. Zo denk ik bijvoorbeeld aan goedkope kinderopvang in vakanties.  Tegelijk moet Brugge werken aan een hip en leuk imago als je mensen hier wil laten werken.

Dit is een beknopt overzicht van welke schat aan informatie de stadsmonitor in petto heeft voor het stadsbestuur. In het licht daarvan stelt Van Volcem volgende vragen.
1) Hoe zal het stadsbestuur concreet omgaan met deze informatie?
2) Wat is de visie van het stadsbestuur op de geschetste uitdagingen?  Wat met veiligheid, wonen, zorg?
3) Zijn er op bepaalde domeinen best practices van andere steden die nuttig kunnen zijn voor Brugge?
4) Hoe zal het stadsbestuur de betrokkenheid en het vertrouwen van de burger verhogen?
5) Op welke manier komt de stad tegemoet aan specifieke noden van de steeds groter wordende groep singles?